® International Academy for Interior Design/Instituut voor Binnenhuisarchitectuur/IVB


TERUG NAAR DE INTERIEUR- & STYLINGTIPS

EEN KORTE WOONWANDELING DOOR DE TIJD

DEEL 10
Een korte woonwandeling door de tijd
Klik voor de twaalf afleveringen op:
overzicht

BADEN IN DE ROMEINSE TIJD
 Voor het badhuis (thermen) in Archeon is een badhuis uit Heerlen (Limburg) als voorbeeld genomen. De oorspronkelijke fundamenten zijn daar ter plekke te zien in het Thermenmuseum. Het is in de tweede eeuw gebouwd en tot ongeveer 400 in gebruik geweest.
Het badhuis is te vergelijken met de tegenwoordige sauna; er wordt afwisselend gebaad in koude en warme baden, wat de bloedsomloop stimuleert en ontspannend werkt. In Archeon liggen de badkamers keurig achter elkaar. Men noemt het daarom wel een badhuis van het 'Rijentype'. Nadat men zich in de ontvangstruimte (apodyterrium) heeft omgekleed, gaat de bader naar de Binnenplaats (palaestra), waar hij zich voor het baden bezig houdt met een balspel of atletische oefeningen. Daarna bezoekt men de Zweetruimte sudatorium, het Koudwaterbad (frigidarium), het Warmwaterbad (caldarium) en de lauw verwarde ruimte (tepidarium), waar men kan genieten van een korte rustpauze of een lichte massage. Als laatste bezoekt de bader het Koudwaterbad om de geopende poriën weer te sluiten.
Vrouwen leggen meestal een kortere route af in de Romeinse tijd. Ze doen minder vaak aan sport en beginnen met baden in het Warmwaterbad.
De zalen worden verwarmd door middel van hete lucht die onder de vloer doortrekt en daarna door holle buizen in de muur opstijgt (hypocaustum systeem).
Het Badhuis was voor iedereen toegankelijk: man of vrouw, ziek of gezond, arm of rijk. De entreegelden zijn daarom laag. Mannen en vrouwen baden op aparte tijden: ook zieken hebben een eigen tijd. Behalve een hygiënische heeft het Badhuis een Sociale en Culturele functie. Men onderhoudt er contacten en doet er nieuwe relaties op!
 
De Prehistorie ( 8.800 voor Chr.-12 voor Chr.)
Prehistorie
De aarde is 4,5 miljard jaar geleden ontstaan. Met het ontstaan van de aarde zijn we er nog niet, de archeologie houdt zich namelijk bezig met mensen. Een archeoloog bestudeert daarom het materiaal dat mensen in de bodem hebben achtergelaten. De eerste stenen werktuigen werden waarschijnlijk 2,4 miljoen jaar geleden in Tanzania gemaakt. Deze zijn gemaakt door homo habilis (letterlijk 'de handige mens'). Dat was een voorloper van de moderne mens.
Wanneer begon de Nederlandse Prehistorie?
De Nederlandse archeologie bestudeert de menselijke bewoning van ons land. Archeologen vermoeden dat de eerste mensachtigen 'pas' 250.000 jaar geleden in Nederland rondliepen. Ongeveer 40.000 jaar geleden leefden mensen zoals wij, ofwel de homo sapiens, in Europa.
Wanneer eindigde de Nederlandse Prehistorie?
In het jaar 55 voor Chr. bezocht de Romeinse veldheer Gaius Julius Caesar het zuiden van het huidige Nederland. Hij beschreef dit, in het Latijn, in zijn verslag over de Gallische oorlog. Omstreeks 12 voor Chr. vestigden de eerste Romeinen een groot legerkamp aan de Waal. Met de komst van de geletterde Romeinen eindigde de Prehistorie onder de grote rivieren definitief.
Een beeld van de Nederlandse Prehistorie
Een archeoloog heeft het niet makkelijk. Het beeld van de Prehistorie zit vol gaten en witte plekken. Hij is afhankelijk van min of meer toevallige vondsten die slechts een zeer klein stukje van de puzzel vormen.

* Oude Steentijd of Paleolithicum tot 8.800 voor Chr.
* Midden Steentijd of Mesolithicum 8.800-5.300 voor Chr.
* Nieuwe Steentijd of Neolithicum 5.300-2.000 voor Chr.
* Bronstijd 2.000-800 voor Chr.
* IJzertijd 800-12 voor Chr.
* Het Paleolithicum of de Oude Steentijd. Tot 8.800 voor Chr.

Werktuigen
De mensen in de Oude Steentijd leerden dat ze van scherven van vuursteen scherpe werktuigen konden maken. Hiermee konden zij hout, vlees en zelfs bot snijden. Daarnaast maakten ze ook werktuigen van andere steensoorten, hout, been en zelfs van dierentanden

Vuur
Ongeveer 400.000 jaar geleden leerden de vroege mensen het vuur beheersen. Dit was een belangrijke vaardigheid. Men gebruikte het vuur voor de warmte, om gevaarlijke dieren op afstand te houden en ook om voedsel door verhitting beter verteerbaar te maken.

Jacht
De mensen leefden van wat de natuur hen bood aan vruchten, wortels, bessen en ander plantaardig materiaal. Er werd ook op dieren gejaagd. Rotsschilderingen uit 15.000-13.000 voor Chr. laten onder andere bisons, oerrunderen en paarden zien. Dieren waarop de mensen in de laatste fase van de Oude Steentijd jaagden.

Mensachtigen
De eerste aanwijzingen van het voorkomen van 'mensachtigen' in Nederland zijn ongeveer 250.000 jaar oud. In de groeve Belvédère bij Maastricht zijn resten van vuurstenen werktuigen en botten van allerlei gejaagde bejaagde en geslachte dieren aangetroffen. De eerste "Nederlanders" bivakkeerden op hun tochten in tijdelijke kampen.
 
Koude tijden
In de loop van de tijd zijn er koude en warmere perioden geweest. Tijdens de koude perioden, de ijstijden, veranderde Nederland in een soort toendra. De bossen verdwenen en maakten plaats voor een begroeiing van grassen en struikjes. De poolkappen breidden zich uit en de zeespiegel daalde. De ijstijden werden afgewisseld door warme perioden, waarin het landijs smolt, de zeespiegel steeg en de bossen terugkeerden. Tussen 50.000 en 10.000 jaar geleden vond de laatste ijstijd plaats. Muskusossen, steppewisenten, mammoeten, rendieren, wolharige neushoorns, paarden, reuzeherten en lemmingen bevolkten het toendra-achtige land. De mensen, die toen Noordwest-Europa bevolkten, noemt men ook wel 'groot-wild-jagers'. Ze trokken rond en jaagden onder andere op de grote kuddes rendieren.

Klimaatverandering
Na ongeveer 10.000 voor Chr. warmde het klimaat geleidelijk weer op. De grote dieren trokken met de kou naar het noorden. Sommige dieren, zoals de mammoet, het reuzehert, de wolharige neushoorn en de steppewisent stierven uit. Nederland werd geleidelijk weer bedekt met bossen die rijk aan dieren en planten waren. Er was nu veel voedsel te vinden in een relatief klein gebied. Daardoor konden de mensen langer op één plek verblijven.

Het Mesolithicum of de Midden Steentijd. 8800 tot 5300 voor Chr.
Omstreeks 8800 voor Chr. eindigde in Europa de laatste ijstijd. Geleidelijk steeg de temperatuur. Door het afsmelten van de ijskappen in de noordelijke gebieden steeg de zeespiegel en ook het grondwaterpeil in Nederland. Er ontstonden moerassen, rivieren, beken en meertjes. Kale toendragebieden veranderden in uitgestrekte bossen. Door de klimaatveranderingen kwamen er in Nederland andere dier- en plantensoorten. Langzaam ontstond een andere manier van leven.
Een korte woonwandeling door de tijd
Klik voor de twaalf afleveringen op:
overzicht

TERUG NAAR DE INTERIEUR- & STYLINGTIPS